Contractuele vragen

Image

In een arbeidsovereenkomst kunnen diverse afspraken worden gemaakt. Hieronder worden een aantal van de belangrijkste bepalingen uitgelicht.

Proeftijd

In de arbeidsovereenkomst kan een proeftijd worden afgesproken. Gedurende de proeftijd kunnen zowel de werkgever als de werknemer te allen tijde de arbeidsovereenkomst per direct beëindigen. Deze afspraak moet dan wel aan een aantal eisen voldoen. Allereerst moet een proeftijd schriftelijk worden afgesproken; door beide partijen getekend dus. Een mondelinge afspraak over de proeftijd is dus ongeldig. Verder: een proeftijd moet voor beide partijen gelijk zijn. En de duur van de proeftijd mag maar zeer beperkt zijn: 1 of maximaal 2 maanden. Hoofdregel: in een arbeidsovereenkomst van korter dan 2 jaar mag maximaal 1 maand als proeftijd worden afgesproken (tenzij de cao toestaat dat het twee maanden mag zijn). Een arbeidsovereenkomst van langer dan 2 jaar of een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd mag een proeftijd van 2 maanden bevatten. Een proeftijd die langer is dan 2 maanden is sowieso niet geldig!

Concurrentiebeding

In de arbeidsovereenkomst kan worden afgesproken dat een werknemer na einde van de arbeidsovereenkomst niet bij de concurrent in dienst mag treden. Een dergelijk concurrentiebeding is in beginsel alleen toegestaan in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Werkgevers zullen bij het opstellen van een concurrentiebeding zich goed moeten vergewissen van de vraag: wie zijn de belangrijkste concurrenten, hoe lang kan ik mijn werknemers binden aan het beding en wat is een redelijke geografische reikwijdte? Hoe specifieker een concurrentiebeding, hoe eerder een dergelijk beding bij de kantonrechter stand houdt.

Toch in een contract voor bepaalde tijd?

Zoals hierboven beschreven: in principe mag een werkgever geen concurrentiebeding opnemen in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. De wet biedt daar wel een uitzondering voor; het is wel degelijk toegestaan als de werkgever in de arbeidsovereenkomst schriftelijk motiveert waarom hij zwaarwichtige bedrijfsbelangen heeft die dat concurrentiebeding toch noodzakelijk maken.

Relatiebeding

Veel werkgevers hechten belang aan het behouden van klanten en relaties. Vandaar dat zij willen afspreken dat het voor de werknemer verboden is om na einde van de arbeidsovereenkomst klanten of relaties van de werkgever mee te nemen. In de rechtspraak is bepaald dat de eisen van het concurrentiebeding ook gelden voor het relatiebeding.

Eenzijdig wijzigingsbeding

Een werkgever heeft vaak de behoefte om de werknemer zo flexibel mogelijk in te zetten. Vandaar dat een werkgever nogal eens een bepaling in de arbeidsovereenkomst opneemt die hem het recht geeft de arbeidsvoorwaarden eenzijdig aan te passen.